Signal Corps Photographer


De Signal Corps fotografen maakten deel uit van de Amerikaanse krijgsmacht en legden vanaf de Eerste Wereldoorlog tot in de Koude Oorlog veldslagen, militaire operaties en de menselijke impact van oorlog vast.

Oprichting en de Eerste Wereldoorlog (1917–1918)

  • Start: Op 21 juli 1917 werd binnen het U.S. Army Signal Corps een speciale Photographic Section opgericht.
  • Doel: Het maken van propaganda, militaire terreinverkenningen en een picturale geschiedenis van de oorlog.
  • Omvang: De eenheid groeide snel van 25 man in 1917 tot honderden officieren en fotografen aan het einde van 1918, met laboratoria in Frankrijk (Parijs en Vincennes)

Tweede Wereldoorlog en de Jaren van Strijd (1939–1945)

  • Gevechtsfotografie: Tijdens de Tweede Wereldoorlog trokken de combat camera photographers van de Army Pictorial Service (onderdeel van het Signal Corps) met een camera in plaats van een geweer direct de frontlinie in. 
  • Toegang: Zij kwamen vaak op plekken waar reguliere civiele journalisten niet mochten komen.
  • Erfgoed: Zij legden iconische beelden vast van landingen, verwoestingen en de bevrijding, waarvan er circa een miljoen bewaard zijn gebleven in de Amerikaanse Nationale Archieven (National Archives)

 

 

 Uitrusting:

De uitrusting en camera’s van de fotografen van het Signal Corps moesten bestand zijn tegen de zware omstandigheden aan het front. Omdat de technologie tussen 1917 en 1945 snel evolueerde, verschilde de gebruikte apparatuur sterk per periode. Aan het begin van de Tweede Wereldoorlog was het leger bovendien onvoldoende voorbereid, waardoor fotografen vaak een combinatie van officiële legeruitrusting en gevorderde civiele apparatuur gebruikten.

Eerste Wereldoorlog (1917–1918)

In deze periode waren camera’s nog groot, zwaar en kwetsbaar. Fotografen werkten vaak met massieve houten statieven en glasplaten.

  • Graflex-grootbeeldcamera’s: Deze camera’s waren de standaard voor stilstaande beelden. Ze gebruikten grote glasnegatieven of vroege vlakfilm, wat zeer gedetailleerde foto’s opleverde, maar in de loopgraven langzaam en onpraktisch was.
  • DeBrie- en Bell & Howell-filmcamera’s: Voor bewegend beeld op 35mm-film werden zware Franse DeBrie-camera’s en Amerikaanse handbediende Bell & Howell-camera’s ingezet. Deze moesten vaak met een zwengel worden aangedreven.
  • Verkenning: Voor lucht- en terreinverkenning werden speciale, extra grote camera’s in vliegtuigen gemonteerd.

 

 

Tweede Wereldoorlog (1939–1945)

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de uitrusting gestandaardiseerd in speciale kits, zoals de bekende PH-104- en PH-261-sets. 

 

Fotocamera's (Stilstaand beeld)

  • PH-47 Speed Graphic (4x5 inch): De absolute koning van de oorlog.
    Deze robuuste perscamera van Graflex was de standaarduitrusting voor combat fotografen. Het leverde haarscherpe grootbeeldnegatieven op. Het nadeel? De camera vereiste wel elf handelingen per foto en werkte met losse filmcassettes, wat onder vuur levensgevaarlijk en complex was.

Dit toestel, aangeduid als de PH-47 en beter bekend als de Speed ​​Graphic, was de standaardcamera voor fotografen van het Amerikaanse leger.


  • Kodak 35 (PH-324): Omdat de Speed Graphic zo groot was, kregen fotografen voor snellere actie de compactere Kodak 35 (PH-324) mee. Dit was een van de eerste Amerikaanse 35mm-camera's met een meetzoeker die speciaal voor het leger werd geproduceerd.

De PH-324 voorzien van een 51mm f/4.5 Kodak Anastigmat-objectief.
Het scherpstellen gebeurt door aan de ring direct rondom de frontlens te draaien. De sluitertijden worden geregeld via de buitenste ring van het objectief, terwijl het diafragma wordt ingesteld met het kleine metalen lipje op de 'vijf-uur-positie'. Op de 'twee-uur-positie' van de objectiefcilinder bevindt zich een zelfontspanner, en de ontspanknop zit op de 'elf-uur-positie'. Naast het objectief is een klein metalen plaatje gemonteerd met markeringen van het Amerikaanse leger (U.S. Army) en een serienummer.
De knoppen voor het opwinden en terugspoelen boven op de camera zijn zwart gelakt en voorzien van een gekarteld ruitpatroon; in het wit staan ​​de woorden "WIND" en "REWIND" erop vermeld, inclusief pijlen die de draairichting aangeven. Ook de uitklapbare zoeker is zwart gelakt; aan de ene kant bevindt zich een op dezelfde wijze afgewerkte 'cold shoe' (accessoireschoen zonder contactpunten) en aan de andere kant een opnameteller. Op de bodemplaat bevinden zich een vergrendeling die de achterwand van de camera op zijn plaats houdt, evenals een statiefaansluiting. De aanduiding "PH-324" is in zwarte lak op de achterzijde van de camera aangebracht.

Leica en Contax 35mm: Hoewel deze Duitse camera's van superieure kwaliteit waren, waren ze voor het Amerikaanse leger schaars. Ze werden voornamelijk gebruikt als ze op de vijand waren buitgemaakt of door officieren voor persoonlijk gebruik


    • Filmcamera's (Bewegend beeld)

      • Bell & Howell Eyemo (35mm): Dit was de meest iconische filmcamera van de oorlog. De Eyemo werkte met een veermechanisme (opwinden) of een compacte elektromotor, had een revolverkop met drie lenzen en kon gemakkelijk in de hand worden gehouden tijdens gevechten.
      • Bell & Howell Filmo (16mm): Een lichtere variant die veel werd gebruikt voor documentaires en trainingsfilms.

    De Veldkit en Mobiele Donkere Kamers

    Een fotograaf droeg niet alleen een camera, maar een complete mobiele studio.

    • Zware bepakking: De complete uitrusting (inclusief lenzen, flitsers, zware batterijen en filmvoorraad) zat verpakt in stevige, olijfgroene metalen transportkisten.
    • Fotografische Sets (zoals PH-261): Deze sets bevatten alle chemicaliën en draagbare bakken om films direct in het veld te kunnen ontwikkelen en afdrukken, vaak in provisorische donkere kamers in legertenten of vrachtwagens

    Enkele bekende fotografen:

    Walter Rosenblum:
    Een bekend Amerikaans gevechtscameraman (162nd Signal Photographic Company) die onder andere D-Day en de bevrijding van Dachau fotografeerde.

    Hugo Wilmar:
    Een Nederlandse oorlogsfotograaf die in 1945 door het Signal Corps werd opgeleid.

    Hugo Wilmar (1923 – 1957) was in zijn korte leven Engelandvaarder, frontfotograaf in Nederlands- Indië, reisfotograaf voor Spaarnestad en filmmaker voor de bekende Disney-natuurfilms White Wilderness en Jungle Cat. Met zijn foto’s en brieven, zijn rake observaties en beeldende natuurbeschrijvingen, liet hij een compleet beeld achter van het einde van de koloniale tijd en de opkomst van onze moderne wereld. De verhalende compositie en technische perfectie geven zijn foto’s de iconische kracht van een topfotograaf. 

     

    Bron:  https://www.hugowilmar.nl/

    Arnold E. Samuelson voerde het bevel over een eenheid fotografen van het Army Signal Corps tijdens de geallieerde opmars in Europa. Hij en zijn mannen maakten veel van de Signal Corps-foto's die op deze site te zien zijn. "De dapperen vuren kogels af, de gekken schieten beelden."

    9 Nov 1944 Leo Moore and Jack Howell – 165th Signal Photo Company

    Lt. Leo Moore and T/Sgt Jack Howell, still and motion picture cameramen covering the visit of Gen Eisenhower on continent. 11/9/1944 Photographer: Mserlin. 111-Sc-377989

    Ja, het Amerikaanse Army Signal Corps heeft vrouwelijke fotografen in dienst gehad, al was dit in de eerste decennia van de twintigste eeuw uiterst zeldzaam. [1, 2]

    Tijdens de Eerste Wereldoorlog bestond de vrouwelijke aanwezigheid binnen het U.S. Army Signal Corps voornamelijk uit de bekende "Hello Girls" (bilinguale telefonistes), en werd het fotografische werk uitsluitend door mannen gedaan. Dit veranderde gaandeweg tijdens en na de Tweede Wereldoorlog: [1, 2, 3]

    • Sgt. Irene Marquardt: Zij staat in de militaire archieven officieel te boek als de "only Wac photographer" (Women's Army Corps) voor het Signal Corps in het European Theater of Operations (ETO) tijdens de Tweede Wereldoorlog. [1, 2]

    • Elizabeth "Tex" Williams: Zij was eveneens een pionier en een van de vroege vrouwelijke fotografen die direct voor het Amerikaanse leger fotografeerde. [1]

      Belangrijk onderscheid: Veel van de meest iconische vrouwelijke oorlogsfotografen uit de Tweede Wereldoorlog — zoals Lee Miller (Vogue) en Margaret Bourke-White (LIFE) — werkten als geaccrediteerd civiel oorlogsbiograaf of correspondent voor tijdschriften, en waren dus niet officieel in dienst bij het Signal Corps zelf. [1, 2, 3]

      Wil je meer weten over de specifieke taken en locaties van Sgt. Irene Marquardt in Europa, of ben je geïnteresseerd in de civiele vrouwelijke correspondenten die destijds met het leger meetrokken? [1, 2]